Tips van Rittal voor het koelen van schakelkasten


 
Enkele eenvoudige check-ups om de klimatisering te controleren
 
 
Wanneer een component defect raakt, rijst vaak pas de vraag: voldoet het gebruikte koelconcept aan de eisen om de warmte onder alle bedrijfs- en omgevingsomstandigheden goed af te voeren? Met praktische tips laat Rittal zien hoe met enkele eenvoudige check-ups de klimatisering van de schakelkast kan worden gecontroleerd.
 
Schakelkastklimatisering is meestal berekend op een temperatuur in de kast van 35 °C. Dit betekent dat een koelaggregaat voldoende vermogen moet hebben om ervoor te zorgen dat de gemiddelde temperatuur in de kast onder alle belastingen van de machine en onder alle omgevingsomstandigheden ter plaatse 35 °C moet zijn.
 
Temperatuursensor positioneren
Om de klimatisering van de schakelkast te beoordelen, kan de temperatuur in de kast worden gemeten: hiertoe worden bij de koude luchtopeningen van de temperatuurkritische componenten (meestal de frequentieomvormers) temperatuursensoren geplaatst en de temperatuurontwikkeling gedurende langere tijd gemeten. Als daar luchttemperaturen worden gemeten die duidelijk hoger zijn dan 40 °C is het koelvermogen van het koelaggregaat onvoldoende of is er sprake van een verstoring in de geleiding van de koude lucht. Dit betekent dat de koude lucht niet of slechts gedeeltelijk bij de tempartuurgevoelige componenten komt.
 
Regelgedrag van koelaggregaten controleren
Een andere mogelijkheid voor het controleren van de klimatisering van de schakelkast bestaat uit het waarnemen van het regelgedrag van het koelaggregaat: anders dan bij de toerentalgeregelde koelaggregaten, zoals de nieuwe Blue e+ koelaggregaten van Rittal, starten tweepuntsgeregelde conventionele koelaggregaten voor schakelkasten de koeling zodra de temperatuur in de kast hoger wordt dan 35°C en stoppen zij de koeling zodra een uitschakeltemperatuur van 30°C (bij een typische hysterese van 5K) wordt bereikt.
 
Als een koelaggregaat de uitschakeltemperatuur niet bereikt, blijft het aggregaat continu werken. Dit duidt er dan op dat het koelvermogen van een conventioneel geregeld koelaggregaat onvoldoende is. Hierdoor worden de componenten in de kast niet voldoende gekoeld. Om de status van een koelaggregaat vast te stellen, is het voldoende om het aggregaat aan te raken: als er koude wordt gegenereerd, is de koelcompressor actief. Dit gaat gepaard met een lichte trilling van de behuizing van het koelaggregaat. Een andere mogelijkheid is het meten van de temperatuur van de lucht die het koelaggregaat naar buiten blaast: als het koelaggregaat koelt, is deze temperatuur duidelijk hoger (10 – 40 °C) dan de omgevingstemperatuur.
 
Hotspots lokaliseren
Een grote test van de schakelkastklimatisering kan ook plaatsvinden met behulp van IR-thermografie: in dit geval worden de oppervlaktetemperaturen van de componenten in de schakelkast geregistreerd door een infraroodcamera. Als delen een duidelijk hogere temperatuur (zgn. hotspots) hebben, ontvangen die delen te weinig koude lucht.
 

Voor persoonlijk advies kunt u contact opnemen met een van onze verkoopkantoren of uw vaste contactpersoon. Ook kunt u hier klikken en het contactformulier invullen en versturen.


Elauma Waagmeester

 

Ga terug naar het nieuws overzicht
  • Eaton
  • Omron
  • Phoenix Contact
  • ABB
  • Eldra
  • Eupen
  • Hager
  • Nedelko
  • Schneider Electric
  • Wago
  • Weidmuller
  • Nexans
  • Rittal
  • KNX
  • Norton